Voor de kennis van voor de beëindiging van een arbeidsovereenkomst manager feiten, de periode van twee weken in overeenstemming met § 626 Abs. 2 BGB is in de running, het gaat om de kennis van de aangewezen om te beslissen over het ontslag commissie.

een) Voor de kennis van voor de beëindiging van een arbeidsovereenkomst manager feiten, de periode van twee weken in overeenstemming met § 626 Abs. 2 BGB is in de running, het gaat om de kennis van de aangewezen om te beslissen over het ontslag en het lichaam voor te bereiden van de Vennootschap.
b) De kracht, om de arbeidsovereenkomst te beëindigen, kan in de partnerschapsovereenkomst alsmede door de aandeelhouder te zijn aan een andere persoon overdracht-rood.
c) Kennis is dan beschikbaar, wanneer alles wordt gebracht in ervaring, wat wordt beschouwd als noodzakelijke basis voor een besluit over voortzetting of beëindiging van de arbeidsverhouding. Moeten weten of grof nalatig gebrek aan kennis is niet genoeg.

BGH II ZR 273/11 van 9. April 2013 – Burgerlijk Wetboek § 626 Abs. 2

een) Voor de kennis van voor de beëindiging van een arbeidsovereenkomst manager feiten, de periode van twee weken in overeenstemming met § 626 Abs. 2 BGB is in de running, het gaat om de kennis van de aangewezen om te beslissen over het ontslag en het lichaam voor te bereiden van de Vennootschap.
b) De kracht, om de arbeidsovereenkomst te beëindigen, kan in de partnerschapsovereenkomst alsmede door de aandeelhouder te zijn aan een andere persoon overdracht-rood.
c) Kennis is dan beschikbaar, wanneer alles wordt gebracht in ervaring, wat wordt beschouwd als noodzakelijke basis voor een besluit over voortzetting of beëindiging van de arbeidsverhouding. Moeten weten of grof nalatig gebrek aan kennis is niet genoeg.

BGH, Arrest van 9. April 2013 – II ZR 273/11 – OLG Düsseldorf

LG Düsseldorf
- 2 -
Er II. Civil Division van het Federale Hof gedateerd op de mondelinge behandeling 9. April 2013 door de rechter Dr. Strohn als voorzitter, Rechter Dr. Reichart en de rechters Dr. Drescher, Geboren en Sunder
hierbij:
In hoger beroep van de verweerder is het oordeel van de 14. Civil Division van het Hof van Düsseldorf 24. November 2011 ingetrokken.
Het ding is voor een nieuwe hoorzitting en besluit, Ook over de kosten van deze hogere voorziening, terugverwezen naar de rechter in hoger beroep.
Rechtens
Feiten:
De eiser was geweest 21. Meer 2002 Managing Director van de verdachte GmbH. Enige aandeelhouder van de verweerder, de S. D. mbH, waarvan de enige aandeelhouder, de Stad Spaarbank D. is. De Managing Director van verzoekers arbeidsovereenkomst
1
- 3 -
14. Meer 2003 was een aanvulling op het 30. Augustus 2006 tot 31. December 2012 extended.
Naar 15. Juli 2003 de eiser was ook Managing Director van S. D. mbH. Als directeur, de aanvrager einde 2000 een consultancy overeenkomst met de lokale politici M. gesloten, wanneer dit een jaarlijkse adviesvergoeding van 200.000 DM was beloofd. De consultancy overeenkomst met M. was on-th bit van de stad Spaarbank K. in 2003 naar 23. Juni 2004 extended. An-fang 2004 bat M. een annulering van het contract, de S. D. GmbH met ingang van 31. December 2003 in een schriftelijk ondertekend door twee bestuurders, hun brief van 12. Februari 2004 afgesproken. In deze brief, is het:
“We zijn blij om uw suggestie te volgen en hierbij overeen-NER een annulering van het contract met ingang van 31. De-zember 2003 naar. Wij danken u voor uw vertrouwen in de samenwerking Hoogachtend”.
Op 1. Februari 2009 Trat M. van alle politieke ambten terug. In berichten in de pers, was het vermoeden geuit, dat er in de consultancy overeenkomst met hem tot een overeenkomst te vormen was geweest, de voormalige voorzitter van de raad van Stad Spaarbank K. werd gestart en alleen de levering van M. hebben gediend. In ruil voor de ontvangen vergoedingen hebben M. nooit verstrekt. Strafrechtelijke onderzoeken werden stopgezet vanwege het optreden van de verjaringstermijn.
Op 16. Februari 2009 heeft op de S. D. mbH, als enige aandeelhouder van de verweerder in de te ontslaan
2
3
4
- 4 -
Eiseres als beheerder van de verdachte en de onmiddellijke beëindiging van de arbeidsovereenkomst voor goede doel, dat de eiser werd verklaard op dezelfde dag.
De verzoeker verzocht, de nietigheid van de beëindiging-ing festzustel. De rechtbank heeft het beroep verworpen, Het Hof van Beroep bevestigde haar. In tegenstelling, de Senaat goedgekeurd door de veroordeling hoger beroep van de respondent wordt.
Redenen:
De herziening is succesvol. Het leidt tot de annulering van de beslissing in hoger beroep en de voorlopige hechtenis van de zaak naar het Hof van Beroep.
Ik. Het Hof van Beroep (OLG Düsseldorf, Arrest van 24. November 2011 14 U 27/11, juris) heeft uitgevoerd, de eiser tegen de uitgesproken buitengewone ontslag ongeldig was, omdat ze niet binnen de aangegeven periode § 626 Abs. 2 S. 1 en 2 BGB is. Kennis van de directeur van de enige aandeelhouder van verweerder, die relevant is, zijn reeds ondertekend door hen ten tijde van de goedkeuring van de intrekking van de adviseur contract met M. ingediend. Dit volgt uit de brief van 12. Februari 2004. Deze brief documenteren van zichzelf een bevestiging en goedkeuring van de adviseur contract, de illustratieve, dat de ondertekenaars waren al bekend met de essentiële achtergrond en zelfs goedgekeurd. Anders blijven absoluut onbegrijpelijk, zoals de CEO zelf zou hebben geleid tot, een gedeeltelijke intrekking met terugwerkende kracht van een volledig onbekende adviseur contract-en M bevestigen. zelfs om een ​​vertrouwensrelatie certificeren. Zelfs uitgaande van een volledige
5
6
7
- 5 -
Persistentie van bepaalde (Rest-) Verwarring over de aard van reeds op het eerste gezicht het meest opvallende en ongewone consultancy overeenkomst, en in het bijzonder van, waarin het nooit zou hebben gegeven om de vertegenwoordiging van de verweerder als consultant, in ieder geval oorzaak bestond-de, onderzoeken het acuut opdringerige Seriositätsbedenken. Noch een noodzakelijke onderzoeken om met bekwame spoed aangezet-sen worden uitgevoerd.
De verder door verweerder negeren van instructies beweerd door de aanvrager in het kader van educatieve activiteiten in 2009 de buitengewone opzegging niet verdragen zonder voorafgaande kennisgeving. Wat de kündigungsre relevante omstandigheden reeds 2004 waren bekend of onderzoeken niet werden verwaarloosd vanwege het water tijd toch, het werd gemist in de kiem, enige nalatigheid van verzoekster in het Aufde cover-up van deze processen in 2009 voor een quasi-lead heropleving van het recht om het veld te beëindigen. Dat zou toe te schrijven aan de eiser zijn niet te vergelijken met de aanbevelingen van de Verlichting, zou het ausgesproche-ne beëindiging dragen voor zichzelf, was niet detecteerbaar.
Tot slot, is er geen Wanprestatie met betrekking tot het gedrag van de aanvrager van de vernieuwing van de adviserende overeenkomst met de K. Ltd betrekking tot het complex G. .
II. Het arrest gaat juridische toetsing van de audit niet weerstaan.
1. Als gevolg hiervan, is het nog steeds waar is, het Hof van Beroep voor maat-bocht beschouwd, of de beheerder enige aandeelhouder van de verweerder in februari 2004 Zijn aangekomen-hij van de mogelijke gronden voor beëindiging kennis.
8
9
10
11
- 6 -
Onder § 626 Abs. 2 BGB kan slechts binnen twee weken de buitengewone opzegging van de Ge-schäftsführeranstellungsvertrages zijn. Voor de twee weken durende run-in periode vertaalde kennis in de zin van § 626 Abs. 2 BGB is alleen op de kennis van de aangewezen om te beslissen over het ontslag en het lichaam voor te bereiden van de Vennootschap te (BGH, Arrest van 10. September 2001 II ZR 14/00, ZIP 2001, 1957, 1958; Arrest van 10. Januari 2000 II ZR 251/98, ZIP 2000, 508, 510; Arrest van 15. Juni 1998 II ZR 318/96, BGHZ 139, 89, 92). Aankondiging teken is voornamelijk in de GmbH, de algemene vergadering als de analoge § 46 Nee.. 5 Limited Liability Companies Act bevoegde orgaan. Indien de Vennootschap heeft slechts een lid, het gaat om de kennis of. kennis van de organen representatief voor de enige aandeelhouder van. Deze kan op elk moment een universele vergadering krachtens § 51 Abs. 3 Limited Liability Companies Act en daarmee te voorkomen dat een ontslag zonder bijeenroeping van een formele aandeelhoudersvergadering ausspre-chen (BGH, Arrest van 20. Oktober 2008 II ZR 107/07, ZIP 2008, 2260 Rn. 13; Besluit van 8. Januari 2007 II ZR 267/05, ZIP 2007, 910 Rn. 7; Arrest van 27. Maart 1995 II ZR 140/93, ZIP 1995, 643, 645; Arrest van 24. Februari 1954 II ZR 88/53, BGHZ 12, 337, 339).
Echter, de kracht, om de arbeidsovereenkomst te beëindigen, geschikt om te worden overgebracht naar het oordeel van de rechtbank in zowel het sociaal contract, alsook door de aandeelhouder aan een andere persoon (BGH, Arrest van 26. Maart 1984 II ZR 120/83, BGHZ 91, 217, 218 f.). Daarvan is de enige aandeelhouder gebruik gemaakt hier en bestuurslid van de Stad Spaarbank D. geautoriseerde, de S. D. met betrekking tot mbH vertegenwoordigd in alle zaken de verdachte en arbeidsovereenkomsten te beëindigen met managers in het bijzonder. Goedkeuring van een bestuurslid van de ouder-
12
13
- 7 -
Maar de maatschappij niet leidt, dat de loutere kennis die persoon is de sleutel tot het begin van de opzegtermijn. Door empowerment het gezag van de CEO was, voor de enige aandeelhouder te han-naalden en het besluit over de beëindiging van de arbeidsovereenkomst om fas-sen, niet verplaatst. Immers, hebben de bestuurders blijkt het protocol van de Algemene Vergadering aangenomen een besluit van de aandeelhouders van de onderliggende kennis en de opzeggingsbrief ondertekend.
Deed de CEO van S. D. mbH Daarnaast, voordat een besluit over de beëindiging van de arbeidsovereenkomst met de eiser, de toestemming van de General Partner, också der Stadt Sparkasse D. , verkrijgen, Hoewel de twee weken uitspraak periode begon pas lopen na ontvangst van de goedkeuring. In dit geval echter, de mogelijkheid van opzegging wordt verbeurd, wanneer de algemeen directeur van S. D. mbH probeerde niet onmiddellijk na het bewust worden als voorwaarde voor de goedkeuring van een resolutie. Indien de bijeenroeping van de algemene vergadering van aandeelhouders wordt onnodig wordt vertraagd de bijeenroeping van de stemgerechtigde leden, de maatschappij moet worden behandeld als, dan de algemene vergadering zou worden bijeengeroepen met redelijke versnelling (BGH, Arrest van 15. Juni 1998 II ZR 318/96, BGHZ 139, 89, 92 f.). Dit principe geldt ook, indien de beslissing over een andere wind Zodra obstakel als de instemming van de aandeelhouder-aandeelhouder tegen gensteht.
2. Maar het hof van beroep een onjuiste rechtsopvatting gevangenisstraf de brief van was 12. Februari 2004 genomen van een kennis van de directeur van de kündigungsrele-relevante feiten. Een veilige en uitgebreide kennis van de
14
15
- 8 -
de opzegging relevante feiten dan vóór, wanneer alles wordt gebracht in ervaring, wat als noodzakelijke basis voor een besluit over voortzetting of beëindiging van de arbeidsverhouding worden beschouwd (BGH, Arrest van 24. November 1975 II ZR 104/73, World Cup 1976, 77, 78). Moeten weten of grof nalatig onwetendheid is niet genoeg (VGL. BAG, NJW 2011, 2231, 2232; AP BGB § 626 Geen deadline. 46 BZN). Alleen dan, indien de feiten al bekend zijn en substantieel extra onder-zoek zijn verplicht, zoals hoort het betrokken bij een verdacht bericht of de vaststelling van feiten persoon die spreekt tegen ontslag, deze zijn snel (BGH, Arrest van 2. Juli 1984 II ZR 16/84, ZIP 1984, 1113, 1114; Arrest van 24. November 1975 II ZR 104/73, World Cup 1976, 77, 78).
De brief van de 12. Februari 2004 kan de positieve kennis van de gedelegeerd bestuurder van de aankondiging relevante feiten entneh maatregelen niet. Het is beperkt tot de overeenkomst om het contract te beëindigen en bedankt voor de samenwerking. Dit sluit niet, dat de directeur merkte het sluiten van een contract, of notitie-gewogen competentie van de beweerde inbreuk had. De opheffing van de consultancy overeenkomst op verzoek van de aannemer is ook, als dit heeft consultancy diensten in het verleden laden, niets ongewoons. Was dat de overeenkomst zonder de vereiste goedkeuring van de Raad van de moedermaatschappij afgerond, volgt niet uit zijn ophanging. De stereotiepe voorbeeldige bedankt voor een vertrouwensrelatie ook niet herkent, die bekend was aan de directeuren van het illusoire karakter van het contract of een Kompetenzver-schok bij zijn afstuderen.
16
- 9 -
Dat na het schrijven van het bestuur van S. D. mbH hoogte was van het bestaan ​​van de consultancy overeenkomst, onvoldoende, voor de betrokken periode te zetten in de running. De know-nis van het bestaan ​​van een consultancy contract met M. is niet alles, wat nodig is als basis voor een besluit over de voortzetting of de beëindiging van die relatie. De bestuurders moesten worden bekend ter gelegenheid van de goedkeuring aan de overeenkomst en dankbaarheid voor de samenwerking niet eens de inhoud van de akte te beëindigen. Het hof heeft niet aangegeven, dat uit de schriftelijke overeenkomsten tussen M. en de S. D. mbH is erkennen, dat M. moeten adviesdiensten alsmede de goedkeuring van de raad van Stad Spaarbank D bieden. was noodzakelijk voor het sluiten van het contract en ontbrak. Een verplichting om de sleutel te bepalen voor de beëindiging van de feiten niet in strijd was met het oordeel van het hof ter gelegenheid van de beëindiging van het contract, omdat een nalatige gebrek aan kennis van de relevante feiten is niet genoeg, voor de betrokken periode initi-aten.
3. Het vonnis blijkt geen andere reden juist te zijn, zijn.
Elke plichtsverzuim van de eiser in zijn rol als Managing Director van S. D. mbH kan een beëindiging van zijn dienstverband als manager van de verdachten te rechtvaardigen dan enige andere groepsmaatschappij.
In tegenstelling tot het advies van de wettelijke respons ontbreekt niet een beëindiging reden waarom, vanwege de eiser gestelde schending van de bevoegdheden in elk geval wegens de goedkeuring van de voorzitter van de Stad Spaarbank D. verschijnt in een milder licht.
17
18
19
20
- 10 -
een) Uitsluitend op de bevoegdheid overtreding, het heeft vele nadelen aan, omdat het bericht is niet alleen gebaseerd op de beschuldiging, de aanvrager zonder vereiste goedkeuring door de enige aandeelhouder had de consultancy overeenkomst, der Stadt Sparkasse D. , voltooid, maar vooral de pre-ontwerp, de aanvrager heeft zonder tegenprestatie een contract is aangegaan, omdat de betaling van de levering van M. moet worden gebruikt en dit mag geen adviesdiensten. De rechtbank steunde ook de beëindiging ook, dat de eiser in ieder geval na het mislukken van de V. -Fonds, moet worden ingevuld voor het argument van de eiser na de duurovereenkomst, Top 2001 de overeenkomst niet is ondanks een voortijdige beëindiging van elke mogelijkheid beëindigd. Beide beschuldigingen, waarmee de herziening dupliek niet te pakken, en die het Hof van Beroep heeft geen bevindingen gedaan, geschikt, een reden voor beëindiging.
b) Zelfs de vermeende schending competentie principe rechtvaardigt een ontslag (VGL. BGH, Arrest van 25. Februari 1991 II ZR 76/90, ZIP 1991, 509, 510; Arrest van 28. Juni 1993 II ZR 119/92, NJW-RR 1993, 1123, 1124). De noodzaak van toestemming voor het sluiten van een dienstencontract, die het bedrijf nodig is om diensten via een bepaalde hoogte, goed voor, in tegenstelling tot de Revisionserwide-tie dan ook niet geweest, omdat de stad Spaarbank K. zet de stad-sb D. moet rapporteren aan de adviesvergoeding. Vergeleken met M. alleen was de stad Spaarbank D. toegewijd. Indien, zoals verweerder stelt de consultancy overeenkomst alleen het aanbod van M. dienen te dienen en hij mag geen adviesdiensten, gepleegd door het bevoegde personeel van de Stad Spaarbank K. met de belofte van uitkeringen waarop misdaad- (§ 266 StGB), zodat de stad Spaarbank K. was niet vereist voor de prestaties (§ 134 BGB).
21
22
- 11 -
In tegenstelling tot het advies van de wettelijke respons verschilt een competentie tenzverstoß dus niet vanaf het begin van, omdat het contract van de eiser zoals voorgeschreven door de voorzitter van de Stad Spaarbank D. heeft voltooid. Daarin lag het onder de regels van de S. D. mbH toestemming is niet vereist van de Vennootschap General Partner, Als de CEO zijn deel gehad aan de goedkeuring van de voltallige raad te verkrijgen was duidelijk voor de eiser, dat deze goedkeuring ontbrak. Vervolgens misbruikt zijn bevoegdheden van de CEO voor de Stad Spaarbank. Het bewijs van een overtreding van de eiser is niet te ontkennen, daarom al, omdat de toen-rer B Mitgeschäftsfüh. intern in de S. D. mbH was verantwoordelijk, om de naleving van het reglement van orde te waarborgen, en geen bezwaren ingediend voor.
Beëindiging wegens schending van een competentie wordt niet uitgesloten door de vorige bevindingen van de rechter, want hij moet worden beschouwd als gevolg van de deelname van de CEO en de Mitgeschäftsführers de eiser in een milder licht. Bijzondere omstandigheden kunnen leiden in elk geval, dat een competentie overtreding verschijnt in een milder licht en geen Wanprestatie heeft (VGL. BGH, Besluit van 4. Meer 2009 II ZR 169/07, ZIP 2009, 2195 Rn. 12; Besluit van 10. December 2007 II ZR 289/06, ZIP 2008, 694 Rn. 2). Of een bepaald gedrag moet worden gezien als een belangrijke reden voor de buitengewone opzegging, maar moet beslissen in de eerste plaats de rechter (BGH, Arrest van 9. Maart 1992 II ZR 102/91, ZIP 1992, 539 f.). Als is voldaan, heeft het Hof van Beroep met de vermeende schending van zijn recht bevoegd point of no logische bevindingen, de Senaat kan door § 626 Abs. 1 Geen deel uitmaken van het Burgerlijk Wetboek vereiste aandacht. In de balans, ob s
23
24
- 12 -
de werkgever in redelijkheid niet kan worden verwacht, om te gaan met de contractarbeiders verder, waaronder in alle omstandigheden aan de partijen relevante (st. PRSN., VGL. BGH, Arrest van 23. Oktober 1995 II ZR 130/94, World Cup 1995, 2064, 2065 BZN).
III. De zaak wordt terugverwezen voor een nieuw proces en de beslissing van de rechter in hoger beroep, want het is niet rijp is voor een definitief besluit (§ 563 Abs. 1 ZPO).
Der Kläger hoed u.å. ontkend, dat de adviseur contract slechts schijnbaar M leveren. voltooid, dat na de fail-ure de V-. -Fondsen hebben geen adviesdiensten genomen om medewerkers en dat was duidelijk aan hem, dat de CEO zonder de goedkeuring van de voltallige Raad van Sparkasse D. mocht handelen en heeft gehandeld. Het Hof van Beroep zal te maken hebben met de bewering van de eiser, de CEO van S-equity firma Düsseldorf GmbH had het illusoire karakter van de overeenkomst bekend zijn voorafgaand aan de retroactieve afschaffing van de adviseur contract. Voor zover de Senaat ZEiM out, dat de verdachte draagt ​​de bewijslast, dat de termijn aangifte wordt voldaan (BGH, Arrest van 2. Juni 1997 II ZR 101/96, GmbHR 1997, 998, 999; Arrest van 2. Juli 1984 II ZR 16/84, ZIP 1984, 1113, 1114).
De verwerping van het hof van beroep is ook gelegenheid, met de bezwaren van het beroep tegen de weigering van verdere, op verzoekers gedrag in 2009 gebaseerde redenen voor beëindiging tijdens het onderzoek van de omstandigheden, die tot het sluiten van de adviseur contract, en G de complexe. Consultant contract K. GmbH apart-derzusetzen. In tegenstelling tot het oordeel van de rechtbank moet ouder zijn
25
26
27
- 13 -
Operaties, van die wegens het verstrijken van de datum verklaring, dat geen beëindiging recht kan worden afgeleid, niet blijven in de algemene beoordeling buiten beschouwing gelaten. Integendeel, kunnen ze worden gebruikt om andere redenen tot beëindiging steunen, wanneer ten minste een nog niet voltooide incident niet verwaarloosbare gewicht is (VGL. BGH, Arrest van 9. Maart 1992 II ZR 102/91, ZIP 1992, 539, 540).
Strohn Reichart Drescher
Geboren Sunder
Lagere rechtbanken:
LG Düsseldorf, Besluit van 02.11.2010 – 35 De 28/09 -
OLG Düsseldorf, Besluit van 24.11.2011 – I-14 in 27/11 -

Gelieve Beoordeel

Voor meer informatie: